Bevrijding van Venray

Nederland vierde op zondag 5 mei de dag dat het land in zijn geheel bevrijd was van de Duitse bezetting. De bevrijding van Venray vond echter al veel eerder plaats, namelijk op 16 oktober. Jan Min die zich al jaren verdiept in de gebeurtenissen rondom de Tweede Oorlog, vertelt in een vogelvlucht waarom Venray al in oktober werd bevrijd en onder welke omstandigheden dit gebeurde.

Na het mislukken van Market Garden bleef er een kwetsbare corridor dwars door Brabant richting Nijmegen over. Deze kwetsbaarheid bepaalde het verdere verloop van de bevrijding van zuidelijk Nederland. Het bruggenhoofd in Venlo speelde ook een grote rol in de bevrijdingsgeschiedenis van Venray. De Duitsers bezaten twee belangrijke bruggen in Venlo waar ze hun bevoorrading binnenkregen. De geallieerden wilden deze bruggen veroveren. Uiteindelijk probeerden ze via Overloon een doorbraak te maken om vervolgens via Noord-Limburg richting Venlo te geraken. “De Geallieerden voerden nauwelijks verkenningen door en verwachtten dat ze in een paar dagen via Noord-Limburg wel bij de bruggen in Venlo zouden geraken. De Duitsers waren meesters in het verdedigen en het bedenken van goede strategieën”, aldus Min.

Duitse weerstand

Op 27 september moesten de bewoners van Overloon, Vierlingsbeek en Vortum-Mullem op last van de Duitsers evacueren naar Smakt-Holthees, zegt Min. Op 2 oktober trok de stoet verder richting Venray. Hier kwamen ze terecht in de kelders van Jerusalem, van particulieren, instituten of bij familie. Tussen 30 september en 8 oktober deden de Amerikanen verwoede pogingen de Duitse weerstand te breken. Door hevige Duitse weerstand en aangelegde mijnenvelden liepen ze vast en trokken ze zich uiteindelijk terug. Ze verloren ongeveer 450 manschappen en veel materieel. De Engelse namen het offensief over. Min: “Zij zijn toen op Overloon gaan beuken en schoten hele dorp plat en wonnen daardoor steeds een stukje land.” Op 13 oktober leidde dat tot de bevrijding van Overloon. In het kader van dit offensief werd Venray centrum op 12 oktober gebombardeerd. Het centrum lag geheel in puin.

Enorme mijnenvelden

Doordat de Duitsers enorme mijnenvelden aanlegden, kregen ook de Engelsen het moeilijk om Overloon te verlaten. Daarnaast was het heel slecht weer, waardoor de grond erg drassig werd. Zwaar materieel inzetten was niet mogelijk, omdat dit vastliep in de modder. “Om te verdedigen, is dat een ‘ideale’ omstandigheid, om het te veroveren, is dat een stuk lastiger. Ondanks de chaos en drama lukte het uiteindelijk om langzaam richting Venray te trekken.”

Om de Duitsers rond Venray uit te schakelen, voerden de Royal Air Force op 30 september een bombardement uit op Sint Anna, waardoor patiënten en personeel het leven verloren. Na het bombardement werden alle aanwezigen van het instituut naar de kelders gebracht. Vanaf dat moment werd Venray bestookt door granaten. “De Duitsers hadden een uitkijkpost boven in de toren van de Grote Kerk. Bij een van de beschietingen op 14 oktober vloog Jeruzalem en een deel van de Hofstraat in brand. In paniek trokken de vluchtelingen en bewoners naar de kelders van het Sint Servatius. Hierna zaten daar ruim 3.000 mensen in de kelders. Ongeveer 1.700 mensen verbleven in de kelders van Sint Anna. Er was een groot verschil in de structuur van de kelders in beide instituten. De kelders van Sint Servatius waren voor een groot deel onderling verbonden en de kelders op Sint Anna waren dat niet. Wanneer het te gevaarlijk werd, moesten de mensen in het Sint Anna tijdens de beschietingen via de begane vloer naar een ander gebouw rennen. Dat was een gevaarlijke situatie.”

Op 15 oktober trokken de Duitsers zich terug uit de torens in Venray. De dag erna bliezen ze de uitkijktorens en andere hoge punten in Venray op zodat de Geallieerden geen uitzichtpunten konden overnemen. Het verlies van de watertoren in het Servaas, was voor de vluchtelingen een groot probleem want het water raakte op. “De beschietingen rondom de bevrijding van Noord-Limburg heeft een grote impact gehad. De Engelsen namen geen enkele risico. Als ze dachten dat er ergens Duitsers zaten, beschoten ze het gebouw voordat ze ergens op afgingen. Hierdoor kwamen zinloze vernielingen tot stand. Daarnaast was het chaos. Er is enorm gevochten en geleden en alle burgers trokken van hot naar her en militairen verplaatsten zich. Voor mijn gevoel krijgt de paniek en ontheemding zowel bij de bevolking als het leger te weinig aandacht.”

Het verlies aan mensenlevens is aan beide kanten van de Duits-Nederlandse grens enorm geweest. Min vindt het fascinerend dat er tijdens alle paniek en ellende, mensen ook humaniteit kenden. “Piloten werden bijvoorbeeld ondergebracht in boerderijen en integreerden tussen de bevolking. Er zijn voldoende bewijzen dat gewonde strijders of Duitsers die niet in het leger wilde vechten in kelders opgevangen zijn. Daarnaast zijn er ook Duitsers die Nederlanders hebben geholpen. Dat wordt eigenlijk nooit belicht.”

Westelijk front

Na de bevrijding van Venray op 18 oktober werd het accent van de geallieerde opmars verlegd naar het westelijk front. Het opperbevel van de Geallieerden besloot om de strijd in Noord-Limburg te staken en eerst Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en de Westerschelde te bevrijden, zodat de Antwerpse haven beschikbaar werd voor de aanvoer van goederen. Deze beslissing verklaart het grote verschil in bevrijdingsdata van de Venrayse kerkdorpen. Venray werd frontstad. Op 26 oktober waren de meeste inwoners en andere vluchtelingen van Venray, Heide, Leunen en Veulen en Ysselsteyn geëvacueerd op last van de Geallieerden. Patiënten en personeel van het Sint Servatius waren al op 22 oktober vertrokken naar Weert en de patiënten en het personeel van Sint Anna evacueerden eerder naar Woensel en Boekel. De bewoners en vluchtelingen van Venray evacueerden veelal naar Noordoost Brabant.”

Eind 1945 komt er een hulpactie op gang voor de wederopbouw in Venray. “Venray en omgeving lag volledig plat. De spullen die inwoners nog over hadden, werden gejat door de Engelsen. Zij namen alles wat los of vast zat mee en daar hebben de meeste inwoners veel last van gehad. De actie HARK zamelde in Noord-Nederland glas, huishoudelijke goederen, kleding en meubelen in voor de wederopbouw van Venray. Het Sint Servaas kende alleen al een schadepost van 10.000 vierkante meter aan glas. Bij het Patersklooster konden de inwoners van Venray spullen halen. De wederopbouw duurde tot eind jaren 60.”