Ruimere starterslening voor nieuwbouw

Startersleningen voor nieuwbouw worden door de gemeente alleen verstrekt bij een maximale koopprijs van 150.000 euro. Door de sterk gestegen bouwkosten is dit bedrag niet meer reëel, concludeert gemeente Venray. Het plan is de regeling in de loop van volgend jaar te verruimen.

Voor de aankoop van bestaande woningen geldt een maximumprijs van 200.000 euro om voor een starterslening in aanmerking te komen. De starterslening is een aanvulling op de eerste hypotheek. De starterslening overbrugt het verschil tussen de koopprijs en het te lenen bedrag bij de bank. De maximumhoogte van de starterslening is in 2017 verhoogd van 30.000 tot 37.000 euro.

De gemeente heeft bewust gekozen voor een onderscheid tussen oude en nieuwe woningen. Met het doel de starters te bewegen naar de bestaande woningvoorraad in plaats van naar nieuwbouw. Daardoor zou leegstand en verpaupering van goedkopere oudere huizen voorkomen kunnen worden. Tevens hoopte de gemeente dat het zou leiden tot investeringen in duurzaamheid van huizen aan de onderkant van de woningmarkt.

De startersregeling begon in 2007 in Venray. In de eerste jaren is er minder gebruik van gemaakt. Tot 2015 ging het om nog geen vijftien leningen per jaar. Daarna werd de regeling ineens veel populairder. Na 27 startersleningen in 2016 kwam in 2017 het hoogtepunt met 35 verstrekte leningen. In 2018 daalde het aantal naar 26 en dit jaar zal het wellicht om 25 leningen gaan.

Aanvankelijk werd de starterslening deels betaald door het Rijk dat zich in 2010 terugtrok. Daarna nam provincie Limburg het stokje over en draagt 75 procent bij aan de financiering. Volgend jaar wil gemeente Venray, met instemming van de provincie, de regeling herzien vanwege de sterk veranderde woningmarkt.