Warmteplan grote opgave voor gemeente Venray

Naast grootschalige energieopwekking met zonneparken en windmolens gaat gemeente Venray ook aan de slag met een warmteplan. Iedere gemeente moet uiterlijk in 2021 een uitgewerkt plan opleveren van welke wijken en straten van het gas afgaan en welke verwarmingsbronnen de cv-ketels gaan vervangen.

Het warmteplan ‘Transitievisie Warmte’ komt voort uit het landelijke klimaatakkoord. “Het wordt een hele opgave om bestaande gebouwen van het gas af te koppelen”, reageert wethouder Martijn van der Putten. “Wij zijn vooral afhankelijk van alternatieve energiebronnen van derden. Omdat in Venray een gebrek is aan restwarmte van industrie of kassengebieden. Daarnaast zijn nog niet alle mogelijkheden goed doordacht”, zei de wethouder tijdens een persgesprek op dinsdag 4 februari.


Geert Claessens, duurzaamheidcoördinator van de gemeente, legde tijdens de informatieavond van Beepower op woensdag 5 februari uit dat Venray weinig maakindustrie heeft die restwarmte kan produceren voor de verwarming van huizen. “Op de bedrijventerreinen staan vooral veel lege dozen. We gaan goed kijken naar alle alternatieve bronnen. Bodemenergie en geothermie zijn opties. Een deel van de warmteopwekking zal elektrisch worden”, voorspelde hij.

Alternatieven voor aardgas

In het warmteplan moet de gemeente per wijk de alternatieven voor aardgas aangeven en welke oplossingen mogelijk zijn. Adviesbureau Rebel stelde in opdracht van de gemeenten Beesel, Horst aan de Maas en Venray het rapport ‘De rol van de gemeente in de energietransitie’ op. Rebel waarschuwt de gemeenten dat de aanleg van nieuwe energiebronnen in plaats van gas veel impact heeft op de omgeving en gepaard gaat met hoge kosten en een groot risico. Daarnaast is de aanwezigheid van lokale of regionale warmtebronnen vereist.


Volgens het adviesbureau zijn de investeringen in warmtenetwerken in bestaande bebouwing hoog en zijn de rendementen laag, minder dan 5 procent. Door de hoge kosten van de leidingen, infrastructuur en aanpassing van de gebouwen dient de aanpak op grotere schaal, zoals een hele woonwijk, te gebeuren. Het risico bestaat dat bewoners niet of pas later willen aansluiten op het warmtenet.

Tekst: Henk Willemssen